Home         Algemeen         Huisvesting         Voeding         Mijn Vipers         Aanbod         Foto's         Links         Contact

 

:: Taxonomie

Sinds eind 2008, begin 2009 zijn vipergekko's ingedeeld in het genus (= geslacht) Hemidactylus. Tot die tijd  behoorde hij tot het monotypisch genus Teratolepis, maar een moleculair phylogenetische analyse wees uit dat zijn naaste verwanten de kleine Zuid-Aziatische  bodembewonende gekkosoorten H. reticulatus  en  H. gracilis zijn, waardoor de soort beter ondergebracht kan worden binnen het Hemidactylus genus. (Bauer et al, 2008, p. 13-27) Omdat de soortnaam fasciatus al gebruikt wordt binnen het genus, werd de nieuwe soortnaam "imbricatus" toegekend aan de vipergekko en staat dit dier momenteel bekend onder de wetenschappelijke naam:  "Hemidactylus imbricatus".

De wetenschappelijke geslachtsnaam Hemidactylus is een samenstelling van de Latijnse woorden 'hemi', wat 'half' betekent en 'dactylus' wat 'teen' betekent. Grofweg kan het dus vertaald worden als 'halfteens'. Imbricatus komt van het Latijnse "imbricātus" en betekent "elkaar overlappend" of "dakpansgewijs" en dankt het dier aan de vergrootte, elkaar overlappende schubben op de staart.

Verspreidingsgebied Hemidactylus imbricatus.

Buikzijde Hemidactylus imbricatus.

Onderkant poot Hemidactylus imbricatus juveniel met duidelijk zichtbare setae.

Hemidactylus imbricatus man in vervelling.

Preanale poriën en nog niet volledig ontwikkelde hemipenale bult bij Hemidactyus imbricatus juveniel.

Hemidactylus imbricatus is als volgt ingedeeld:

Familie: Gekkonidae
Subfamilie: Gekkoninae
Geslacht: Hemidactylus
Soort: imbricatus

Andere onofficiële Nederlandse namen waaronder deze kleine gekko bekend staat zijn: vipergekko, addergekko en raapstaartgekko. De naam "vipergekko" of in het engels "viper-tailed gecko" dankt het dier aan de gelijkenis (van voornamelijk de staart) met de in Pakistan veel voorkomende "zaagschub adder" (Echis carinatus sochureki).


:: Verspreidingsgebied

In de vrije natuur komen Hemidactylus imbricatus alleen voor op enkele plaatsen in het zuidelijke deel van de Indus delta, één van de droogste en heetste gebieden van het Indiase subcontinent.
Hun leefgebied wordt aan de oostkant begrensd door de Perzische hoogvlakten en aan de westkant door de Thar woestijn.
In dit dorre, zanderige gebied waar de vegetatie slechts uit enkele woestijnstruiken bestaat, verschuilen deze nachtactieve gekko's zich overdag voornamelijk onder de vele platte stenen die er te vinden zijn.


::
Uiterlijke kenmerken

Hemidactylus imbricatus is een relatief kleine gekkosoort. Een volwassen mannetje meet 68 tot 79 millimeter inclusief staart en wordt ongeveer zeven jaar oud. Het vrouwtje is met haar 81 tot 91 millimeter iets groter.
De gekko's hebben een beige of lichtbruin gekleurd bovenlijf met daarop vijf donkerbruine lengtebanden die op regelmatige afstand van elkaar worden onderbroken door witte stippen. Deze stippen vormen dwarsbanden waarvan er op de nek en het torso zeven te vinden zijn.
De taps toelopende, gezwollen staart is bedekt met schubben van verschillende grootte die elkaar overlappen. Sommige aan de oppervlakte liggende schubben zijn extreem groot.
De buikzijde is lichtgrijs gekleurd met donkerbruine stippen.
Het moge nu duidelijk zijn, dat Hemidactylus imbricatus zijn naam te danken heeft aan zijn staart en aan de tekening op zijn rug.
Hoewel Hemidactylus imbricatus bodembewonende gekko's zijn hebben zij rudimentaire setae. Met deze onontwikkelde hechtlamellen, kunnen vooral jonge dieren gladde, verticale oppervlakten zoals glas beklimmen.
Hemidactylus imbrictus hebben geen oogleden. Zij gebruiken daarom hun tong om hun ogen schoon en vochtig te houden.


::
Vervelling

Net zoals alle andere reptielen vervellen ook Hemidactylus imbricatus om te kunnen groeien. De frequentie van het vervellen (of met een wetenschappelijke term ecdysis genoemd) verschilt enorm tussen jonge, pas geboren dieren en volwassen vipergekko's. Pas geboren dieren vervellen de eerste paar maanden van hun leven wekelijks, terwijl volwassen vipergekko's slechts om de paar maanden vervellen. Als er een vervelling aan zit te komen kun je dit merken, doordat de dieren dof of grijs van kleur worden. Dit komt omdat de oude huid loslaat. De gekko zal om de huid te doen scheuren langs stenen schuren en zal de huid mijn zijn bek van zich af trekken om het vervolgens op te eten. De volgorde van de vervelling ziet er vrijwel altijd hetzelfde uit. De gekko begint met zijn kop en rug, vervolgens de buik en als laatste zijn de poten en de staart aan de beurt.
Het opeten van de vervelling doet de gekko om twee redenen:
1) Als de gekko zijn vervelling niet opeet, weten natuurlijke vijanden dat er een prooi in de buurt leeft,
2) Door het opeten van de vervelling wordt de energie die verloren is gegaan bij het aanmaken van nieuwe huid gecompenseerd.

In tegenstelling tot bepaalde andere gekkosoorten hebben Hemidactylus imbricatus geen vochtige schuilplek nodig in het terrarium om het vervellen voor de gekko te vergemakkelijken. Zolang de luchtvochtigheid in het terrarium rond de 45% tot 50% is zal de gekko meestal geen problemen ondervinden met de vervelling.


::
Autotomie

De staart van Hemidactylus imbricatus is een waardevol instrument ter verdediging van de gekko. Als het dier zich bedreigd voelt, plat het dier zijn lichaam af waardoor het breed wordt en het dier groter lijkt dan het in werkelijkheid is. Ook richt hij zijn staart rechtop in de lucht om zijn belager te verleiden de staart aan te vallen in plaats van de kop en haalt uit met zijn bek naar zijn belager zodra deze dichterbij komt.
Wanneer de staart door de belager gegrepen wordt, breekt deze vrijwel altijd bij de staartbasis af en hoewel de staart binnen 90 tot 120 dagen volledig teruggroeit, wordt deze wat dikker dan het origineel en is hartvormig. (Klarsfeld, 2001. p 58-64).


::
Geslachtsbepaling

Wanneer Hemidactylus imbricatus drie á vier maanden oud zijn, is het mogelijk het geslacht te bepalen, maar dit kan lastig blijven tot op een leeftijd van zes maanden. Mannetjes ontwikkelen aan onderkant van de staartbasis een hemipenale bult, waarin zich het geslachtsorgaan bevindt en tussen de achterpoten een V-vormige rij met zes tot acht preanale poriën. Deze poriën zijn vaak eerder te zien, dan de hemipenale bult en zijn een betrouwbare indicatie van het geslacht van het dier. Vrouwtjes missen zowel de hemipenale bult als de preanale poriën.

Bronnen:
Bauer, A.M., Giri, V.B., Greenbaum, E. (2008). On the Systematics of the Gekkonid Genus Teratolepis Günther, 1869: Another One Bites the Dust. Hamadryad, vol. 33, no. 1, p. 13 - 27.
Klarsfeld J.D. (December 2001) Teratolepis fasciata: Natural History, Captive Maintenance, and Breeding of the Viper-Tailed Gecko. Reptilia No. 19 (58-64).